ReflexiónBegijnhofkapel
Met de Heiligen het jaar door: Pier Giorgio Frassati: jong, idealistisch en heilig
Solo en neerlandés.

Deze keer weer een jonge heilige. Jong in twee opzichten; jong gestorven en recent heilig verklaard: Pier Giorgio Frassati. Geen monnik, geen priester, maar een student, bergbeklimmer en activist. Hij werd slechts 24 jaar oud, maar zijn leven was een krachtige getuigenis van geloof, rechtvaardigheid en medemenselijkheid.
Pier Giorgio werd geboren op 6 april 1901 in Turijn, als zoon van Alfredo Frassati, een invloedrijke krantenuitgever en senator, en Adélaïde Ametis, een kunstschilderes. Zijn jeugd speelde zich af in een intellectueel en cultureel rijk milieu, maar hij koos al vroeg voor eenvoud en dienstbaarheid.
Als kind gaf hij spontaan zijn schoenen aan een bedelend jongetje. Toen zijn vader weigerde een arme man te helpen, huilde hij zo hard dat zijn moeder hem eropuit stuurde om de man alsnog eten te brengen.
Hoewel hij intelligent was, had hij moeite met school. Na een mislukte examenpoging werd hij naar een jezuïetencollege gestuurd. Daar groeide zijn sociale bewustzijn. Hij verzette zich tegen het opkomende fascisme en werd in 1921 gearresteerd tijdens een demonstratie van jonge katholieke arbeiders. “Liefdadigheid is niet genoeg,” zei hij, “we hebben sociale hervormingen nodig.”
Hij sloot zich aan bij katholieke jongerenbewegingen en werd in 1922 lid van de Derde Orde van Sint-Dominicus. Hij koos de naam Girolamo, naar de vurige dominicaan Savonarola. Zijn geloof was diep en doordacht: hij las Sint-Thomas van Aquino, vereerde Catharina van Siena en kon moeiteloos Dante citeren. Toch bleef hij praktisch: hij studeerde mijnbouwkunde om Christus te kunnen dienen onder de mijnwerkers.
Zijn hulp aan armen was concreet en discreet. Hij regelde een bed voor iemand met tuberculose, steunde een weduwe met drie kinderen, en vond onderdak voor een vrouw die uit haar huis was gezet. Toen hij van zijn vader een Contactblad voor de gemeenschap van de Begijnhofkapel afstudeercadeau mocht kiezen, koos hij geen auto maar een fonds voor de armen.
Pier Giorgio was ook sportief: hij zwom, wandelde en beklom bergen zoals de Monviso en Grand Tournalin. Hij bezocht theaters en musea, maar vermeed alles wat hij als onzuiver beschouwde. Dansen leerde hij wel, maar vond hij niet leuk. Zijn leven was een balans tussen intellect, actie en innerlijke stilte.
In juni 1925 kreeg hij plotseling rugpijn en koorts. Hij bleek polio te hebben. Op 4 juli 1925 stierf hij, slechts 24 jaar oud. Zijn uitvaart trok duizenden mensen.
Het zaligverklaringsproces begon in 1932, werd tijdelijk onderbroken, maar hervat dankzij zijn zus Luciana. In 1990 werd hij zalig verklaard door paus Johannes Paulus II, die hem “de man van de acht zaligsprekingen” noemde. Zijn lichaam bleek intact en werd vereerd tijdens Wereldjongerendagen in Sydney en Krakau.
Un párrafo no pudo cotejarse palabra por palabra con el original y se ha omitido. Lea el original.
Abrir el PDF · p. 9 ↗De: boletín
Texto íntegro, reproducido con permiso de la parroquia. (PDF, 12 páginas)