HolytideVida católica en Ámsterdam

HomilíaKrijtberg

Segundo Domingo de Cuaresma, año C

Traducción automática, verificada de forma independiente · 2e zondag Veertigdagentijd, jr. C

Fecha según el nombre del archivo de la iglesia.

Ilustración: ‘Empress Josephine’ or Frankfort Rose (Rosa turbinata), from "Les Roses" by Claude-Antoine Thory, Pierre Joseph Redouté (1817–24) · The Metropolitan Museum of Art, CC0 1.0 (Met Open Access)

Hermanos y hermanas, a veces puede suceder que por un breve momento obtengamos certeza sobre algo importante. A mí me ocurrió, por ejemplo, hace unos veinticuatro años, cuando consideraba si debía hacerme sacerdote. Varios breves momentos en los que tuve muy fuertemente la experiencia de que Dios quería hacerme claro: ‘es bueno que hagas eso’. Aunque las circunstancias en aquel tiempo no eran en absoluto tales que resultara evidente, tuve sin embargo la certeza interior de seguir adelante por su camino.

En la primera lectura Dios pide a Abraham que cuente las estrellas que ve en el cielo. En aquel tiempo no había alumbrado público, apenas alguna luz en la noche, y así se veía el cielo sembrado de estrellas. Así de numerosa sería la descendencia de Abraham. Y como señal de que efectivamente sería así, Dios aceptó el sacrificio que Abraham le ofreció, como una señal de fuego. Así Abraham recibió la certeza de que Dios cumpliría la promesa que había hecho.

Nosotros, como personas débiles, necesitamos de vez en cuando esa confirmación. Esa confirmación se nos entrega en primer lugar por la Sagrada Escritura, la revelación de Dios. Es bueno dedicarle más tiempo y atención en la Cuaresma. Junto a ello está la tradición de la Iglesia, las declaraciones de los papas, de los Padres de la Iglesia y de los Concilios, de las que podemos aprovecharnos, también cuando se trata de cuestiones muy actuales. En cuanto a la guerra en Ucrania, el papa Francisco y su secretario de Estado Parolin han pedido repetidamente que se ponga fin a la violencia de las armas, que se garantice que los civiles puedan salir ilesos y que se superen las contradicciones mediante el diálogo. La segunda lectura del apóstol san Pablo a los cristianos de Filipos expresa en palabras impactantes el campo de tensión en el que nos encontramos como personas débiles: muchos a nuestro alrededor tienen puesta su mente en lo terreno. Líderes que abusan de su poder para apoderarse de un país, como ocurre en Ucrania. Mientras que se trata de dos pueblos hermanos. El derecho internacional deberá prevalecer aquí, en protección de la población civil de ambos países. Por fortuna, mientras tanto se pone en marcha mucha ayuda, también desde nuestro país.

Nosotros mismos, en nuestras propias decisiones cotidianas, tendremos que estar vigilantes para no ceder a formas de egoísmo, de pensar constantemente en nosotros mismos, en lugar de en lo que el otro necesita. En lo profundo de cada uno de nosotros resuena la voz de nuestra conciencia, que nos llama a hacer el bien y evitar el mal. En nuestra oración podemos escuchar con más claridad esa voz interior.

La dignidad del hombre consiste en obedecer la ley de Dios escrita en nuestro corazón. Y mucho está en juego, pues por esa ley escrita en nuestro corazón seremos también juzgados, así lo confirma el Concilio Vaticano Segundo.

El apóstol san Pablo nos recuerda que nuestra patria está en el cielo. Eso es lo que esperamos: poder estar allí algún día, junto a nuestros parientes y seres queridos. En este segundo domingo de Cuaresma el Evangelio ya nos concede un atisbo de ese cielo. Oímos cómo los tres discípulos Pedro, Juan y Santiago ven a Jesús en el monte Tabor con vestiduras resplandecientes y blancas. Se encuentra en compañía de Moisés y Elías, aquellos grandes profetas del Antiguo Testamento, que vivieron cientos de años antes de Cristo. También Moisés subió en su tiempo a un monte, el Sinaí, y después de seis días Dios le habló allí desde una nube. Ahora se revela a los discípulos mediante una voz desde el cielo que este Jesús es el Hijo de Dios y que deben escucharlo a Él.

La transformación de la apariencia en el monte, llamada también transfiguración, se encuentra en el Evangelio según Lucas entre dos anuncios de la Pasión. La gloria del Señor se hace visible por un momento, como esperanza en días de angustia. Jesús dice a sus discípulos que tiene que sufrir mucho y ser rechazado por los ancianos, los sumos sacerdotes y los escribas. Pero les dice igualmente que, después de ser llevado a la muerte, resucitará al tercer día. Jesús nunca abandona a sus discípulos, ni tampoco a nosotros. Todos llevamos nuestra parte en el sufrimiento, y en estos días especialmente quienes viven en zonas de guerra, pero podemos confiar en que, cuando llevamos esto en el Nombre de Jesucristo, también podremos un día compartir su gloria. Esa es una perspectiva que puede darnos fuerzas una y otra vez, no solo para perseverar nosotros mismos, sino también para animar a las personas que nos rodean y ayudarlas en lo posible. Que esta Cuaresma sea así también un tiempo en el que demostremos un mayor amor a nuestros prójimos. Amén.

Texto original · Neerlandés

2e zondag Veertigdagentijd, jr. C

Broeders en zusters, soms kan het gebeuren, dat we voor een kort moment zekerheid verkrijgen over iets wat belangrijk is. Ik had dat bijvoorbeeld zo’n vierentwintig jaar geleden, toen ik overwoog of ik priester zou moeten worden. Verschillende korte momenten waarop ik heel sterk de ervaring had, dat God me duidelijk wilde maken: ‘het is goed als je dat doet’. Ondanks dat de omstandigheden in die tijd helemaal niet zo waren dat het voor de hand lag, had ik toch de innerlijke zekerheid om verder te gaan op zijn weg.

In de eerste lezing vraagt God aan Abraham om de sterren te tellen die hij aan de hemel ziet. In die tijd was er geen straatverlichting, nauwelijks enig licht in de nacht en dus zag je de hemel bezaaid met sterren. Zo talrijk zou Abrahams nageslacht worden. En als teken dat dit inderdaad zo was, aanvaardde God het offer dat Abraham Hem bracht, als een teken van vuur. Zo kreeg Abraham de zekerheid, dat God de belofte die Hij gedaan had, in vervulling zou laten gaan.

Wij hebben als zwakke mensen die bevestiging zo nu en dan nodig. Die bevestiging wordt ons in de eerste plaats aangereikt door de heilige Schrift, de openbaring van God. Het is goed om in de Veertigdagentijd daar meer tijd en aandacht aan te besteden. Daarbij is er de traditie van de Kerk, de uitspraken van pausen, van kerkvaders en Concilies, waar wij ons voordeel mee kunnen doen, ook als het gaat om heel actuele kwesties. Inzake de oorlog in de Oekraïne hebben paus Franciscus en zijn staatssecretaris Parolin meermalen opgeroepen het wapengeweld te beëindigen, ervoor te zorgen dat burgers ongedeerd kunnen vertrekken en door dialoog de tegenstellingen te overbruggen. De tweede lezing van de heilige Paulus aan de Christenen van Filippi geeft in treffende bewoordingen het spanningsveld weer waarin wij ons als zwakke mensen bevinden: velen om ons heen hebben hun zinnen gezet op het aardse. Leiders die hun macht misbruiken om een land in bezit te krijgen, zoals in de Oekraïne gebeurt. Terwijl het gaat om twee broedervolken. Het internationaal recht zal hier moeten gelden, ter bescherming van de burgerbevolking in beide landen. Gelukkig komt er inmiddels heel veel hulp op gang, ook vanuit ons land.

Wijzelf zullen in onze eigen, dagelijkse keuzes waakzaam moeten zijn dat we niet toegeven aan vormen van egoïsme, van steeds maar aan onszelf denken, in plaats van aan wat de ander nodig heeft. Diep in ieder van ons klinkt de stem van ons geweten, die ons oproept het goede te doen en het kwade te mijden. In ons gebed kunnen wij die innerlijke stem duidelijker horen.

De waardigheid van de mens is om te gehoorzamen aan Gods wet die in ons hart is geschreven. En er staat veel op het spel, want naar die wet in ons hart geschreven, zullen we ook geoordeeld worden, zo bevestigt het Tweede Vaticaans Concilie.

De heilige Paulus herinnert ons eraan dat ons vaderland in de hemel is. Dat is waar wij op hopen, dat we daar ooit mogen zijn, samen met onze verwanten en dierbaren. Op deze tweede zondag in de Veertigdagentijd wordt ons in het Evangelie al een glimp gegund van die hemel. We horen hoe de drie leerlingen Petrus, Johannes en Jakobus op de berg Tabor Jezus zien in stralend witte kleding. Hij bevindt zich in het gezelschap van Mozes en Elia, die grote profeten uit het Oude Testament, die honderden jaren voor Christus leefden. Ook Mozes ging indertijd een berg op, de Sinaï en na zes dagen sprak God aldaar tot hem vanuit een wolk. Nu wordt aan de leerlingen door een stem vanuit de hemel geopenbaard dat deze Jezus de Zoon van God is en dat ze naar Hem moeten luisteren.

De gedaanteverandering op de berg, die ook wel transfiguratie wordt genoemd, staat in het Evangelie volgens Lucas tussen twee lijdensvoorspellingen in. De glorie van de Heer wordt even zichtbaar, als hoop in bange dagen. Jezus vertelt aan zijn leerlingen dat Hij veel moet lijden en door de oudsten, de hogepriesters en Schriftgeleerden verworpen zal worden. Maar Hij zegt hen eveneens dat Hij na ter dood gebracht te zijn, op de derde dag zal verrijzen. Jezus laat zijn leerlingen en ook ons nooit in de steek. Wij dragen allemaal ons deel in het lijden en in deze dagen vooral diegenen die in oorlogsgebieden leven, maar we mogen erop vertrouwen dat wanneer we dit dragen in Naam van Jezus Christus, dat we dan ook eens mogen delen in zijn heerlijkheid. Dat is een perspectief dat ons steeds weer kracht kan geven, niet alleen om het zelf vol te houden, maar ook om de mensen om ons heen te bemoedigen en waar mogelijk te helpen. Moge deze Veertigdagentijd zo ook een tijd zijn, waarin we een grotere liefde betonen aan onze naasten. Amen.

Abrir el PDF · p. 1 ↗De: hoja de homilía · 13 de marzo de 2022

Texto íntegro, reproducido con permiso de la parroquia. (PDF, 2 páginas)

Fuente