PreekKrijtbergDerde zondag door het jaar
Boeken komen tot leven
Datum volgens de bestandsnaam van de kerk.

Boeken moeten gelezen worden
In de eerste en de derde lezing speelt een boek een centrale rol. De eerste lezing verplaatst ons naar een plein in Jeruzalem. Dat plein staat helemaal vol met mensen, teruggekeerd uit de Babylonische ballingschap. Ze maken een nieuw begin in een herbouwde stad. De priester-schriftgeleerde Ezra leest voor uit een boek vanaf het moment dat het licht werd tot de middag. Het boek waaruit deze lange lezing is genomen, is de wet van Mozes.
In de lezingen van vandaag staat dus een boek centraal, niet een boek als een voorwerp, maar als een levende gesprekspartner. Een boek in de kast is onaf. Een boek wordt pas voltooid wanneer je het uit de kast haalt en erin leest of eruit voorleest en wanneer er naar geluisterd wordt. Pas dan komt het boek tot leven. Zo gezien zijn de lezer en de luisteraar even belangrijk als de schrijver.
Het wetboek van Mozes
Wat brengt het boek in de eerste lezing teweeg? Het volk luisterde aandachtig naar de voorlezing en barstte in tranen uit toen het de woorden van de wet hoorde. De idealen die hun in het boek werden voorgehouden contrasteerden met wat zij ervan hadden gemaakt. Door naar de woorden van de wet te luisteren werden zij zich van hun tekortkomingen bewust. Maar Ezra troost zijn gehoor met de gedachte dat God hun een nieuwe kans geeft in een herbouwd Jeruzalem. Hij besluit: Maak een feestmaal klaar met lekker eten en drinken, en deel ervan uit aan wie niets heeft. Zij kunnen het weer goed maken door er een feest van te maken. Een feest voor iedereen. Dat betekent: delen met wie niet heeft.
Een Schriftlezing die uitloopt op een feest. Een boek dat tot leven komt. Dat lezen we in het slot van het verhaal (dat niet is voorgelezen, maar dat er wel bij hoort): Toen ging iedereen eten en drinken. Ze deelden alles met elkaar en maakten er een groot en vrolijk feest van. Ze hadden begrepen wat hun was verteld (Nehemia 8:12).
de boekrol van de profeet Jesaja
Ook in het evangelie van vandaag gaat het over een boek dat tot leven moet komen. Jezus opent de boekrol van Jesaja en leest:
De Geest van de Heer rust op Mij, want Hij heeft Mij gezalfd. Om aan armen het goede nieuws te brengen heeft Hij Mij gezonden, om aan gevangenen hun vrijlating bekend te maken…, om een genadejaar van de Heer uit te roepen.
In deze woorden ziet Jezus zijn eigen levensopdracht verwoord. Na de lezing houdt hij een preek, de kortste die hij ooit gegeven heeft: Vandaag is de schrifttekst die jullie gehoord hebben in vervulling gegaan. Wat Jezus voorleest uit Jesaja, wordt in hem bewaarheid. Zoals Ezra in de eerste lezing zijn hoorders voorhield niet te huilen om hun tekortkomingen in het verleden, maar om het weer goed te maken in het heden door met anderen te delen en er een feest van te maken, zo is Jezus gezonden om aan gevangenen vrijlating bekend te maken, dat wil zeggen vergeving als antwoord op berouw. Hij is gezonden om aan armen goed nieuws te brengen. Niet dat aan hen rijkdom wordt beloofd, maar hun wordt te verstaan gegeven dat God aan hun kant staat, dat echte godsdienst gepaard gaat met gerechtigheid, met samen eerlijk delen.
Op het eind van de door Jezus gelezen tekst valt de term: het genadejaar van de Heer. Dat is hetzelfde als het 'jubeljaar' (zie Lev. 25). Ooit was het land eerlijk verdeeld onder de Israëlieten, maar in de loop der tijden waren sommigen almaar rijker en anderen almaar armer geworden. Maar om de vijftig jaar was er een jubeljaar: dan moest een eind worden gemaakt aan de ongelijkheid die was gegroeid. Dan moesten alle schulden worden kwijtgescholden. Alle slaven – wanbetalers die van hun vrijheid waren beroofd - moesten worden vrijgelaten, zodat er weer gelijkheid was.
BOEKEN KOMEN TOT LEVEN
Jezus verklaart in zijn korte preek na de lezing uit Jesaja dat het jubeljaar in hem werkelijkheid was geworden. Maar met deze verklaring is het verhaal nog niet af. Het verhaal is pas echt af wanneer ieder die het hoort het in praktijk brengt. Dit betekent dat wij het verhaal af moeten maken. Wanneer wij ons door God laten vergeven en wanneer wij delen met elkaar, komen de boeken waaruit Ezra en Jezus lazen tot leven. Het Joodse jubeljaar, het ‘genadejaar van de Heer’, vindt een voortzetting in het ‘heilig jaar’, dat om de 25 jaar plaatsvindt. Ook 2025 is een ‘heilig jaar’. Weer een kans om het verhaal van Jezus af te maken door Gods vergeving te aanvaarden en door te delen met elkaar zodat ieder genoeg heeft.
Eén alinea kon niet woord voor woord in het origineel worden teruggevonden en is weggelaten. Lees het origineel.
Open de PDF · p. 1 ↗Uit: preektekst · 26 januari 2025
Volledige tekst, overgenomen met toestemming van de parochie. (PDF, 2 pagina’s)
Bronnen
Engels: PDF ↗