PreekKrijtberg3e zondag van Pasen
3e zondag van Pasen, jr. C, Xaveriuskerk
Datum volgens de bestandsnaam van de kerk.

Broeders en zusters, als je dezer dagen erop uittrekt naar het platteland, dan kan je in de weilanden lammetjes tegenkomen. Ze huppelen door het gras, spelen met elkaar en volgen hun moeder die het allemaal wel best vindt.
In de tijd van de apostelen waren lammeren vooral ook offerdieren, die geslacht werden om aan God opgedragen te worden. In het visioen van Johannes wordt zo’n onschuldig Lam juist op de troon gezet, bekleed met waardigheid en macht en in het bezit van rijkdom, wijsheid en kracht. Aan Hem komt de eer toe tot in de eeuwen der eeuwen.
Al in het begin van Jezus’ dienstwerk wordt het duidelijk dat Hij het Lam is dat zijn leven zal geven. Johannes de Doper wijst Hem aan en zegt: ‘Zie het Lam Gods’. De leerlingen die dit horen, gaan Jezus volgen. In het evangelie van vandaag hoorden we dat de verrezen Heer Jezus aan Petrus opnieuw vraagt om Hem te volgen. Dit is zo’n bijzondere gebeurtenis, dat we er even bij stil moeten staan. De leerlingen ontmoetten de Heer na zijn kruisdood. De Heer was hen al eens verschenen, maar blijkbaar weten ze niet goed hoe ze hierop moesten reageren. Ze waren eigenlijk wat gedesillusioneerd en hadden hun oude bezigheid weer opgepakt: vissen. Ze vangen niets, totdat een onbekende aan het strand hen zegt het net rechts van de boot uit te gooien. Dit was al een keer eerder gebeurd in Galilea. Ook toen had Jezus tegen Simon Petrus gezegd dat hij, na een nacht tevergeefs te hebben gezwoegd, opnieuw de netten moest uitgooien. En op zijn woord vingen ze een enorme hoeveelheid vis. Dit gebeurt nu opnieuw en het is Johannes, de beminde leerling, die Jezus herkent.
Er is hier iets bijzonders aan de hand, want als ze met de opgestane Heer zitten te ontbijten, durft niemand te vragen: ‘Wie zijt Gij?’. Blijkbaar wisten ze niet goed hoe ze moesten reageren. Daarom neemt Jezus Simon na het ontbijt apart en vraagt hem tot driemaal toe of hij Hem bemint. De liefde is de basis van het dienstwerk, van het volgen van de Heer.
De leerlingen hebben dan de heilige Geest nog niet ontvangen. Dat gebeurt pas met Pinksteren. Maar wij, broeders en zusters, hebben de Geest ontvangen bij ons doopsel en dit is normaal gesproken, hopelijk, bevestigd bij het Vormsel. Het is aan ons om de Heer te herkennen in alles wat menselijk is, dankzij de Geest die in ons verblijft. En vervolgens om van zijn liefde te getuigen.
Op Koningsdag, afgelopen week, gingen in Hoofddorp enkele katholieken op de vrijmarkt met mensen in gesprek om te vragen of ze mee wilden doen aan een alphacursus, een kennismaking met het geloof en met het christelijk leven.
Op facebook zag ik een filmpje van een jonge zuster dominicanes die in zeven minuten uitlegt wie God is. Er zijn allerlei manieren om vandaag de dag te getuigen van de verrezen Heer.
Wanneer de apostelen dit doen, leidt dit tot afgunst bij de hogepriesters en zij verbieden de apostelen om in Jezus’ Naam onderricht te geven. Maar de apostelen gaan door, ongeacht de consequenties. Aanvankelijk worden ze in vrijheid gesteld; later zullen sommigen van hen hun optreden met de dood moeten bekopen. En nog altijd worden christenen het slachtoffer van vervolgingen, zoals in Afghanistan, Nigeria en Noord-Korea. De bisschoppen, opvolgers van de apostelen, blijven oproepen tot rechtvaardigheid, vrede en verdraagzaamheid. De paus heeft geregeld opgeroepen tot vrede in Oekraïne. Gelukkig is de hulpvaardigheid in de wereld groot.
In het beminnen van God met al onze krachten en van onze medemens als onszelf ligt het antwoord besloten op datgene wat Jezus van ons vraagt. Ongeacht het onbegrip of de weerstand die dit kan oproepen. De liefde is tegelijk kwetsbaar en krachtig. De liefde tot God vraagt veel van ons, maar geeft een beloning die zo groot is, dat je je het niet voor kunt stellen. Daarom drukt de heilige Schrift dit uit in beeldtaal, zoals van de visvangst en in het visioen van Johannes van het hemelse Lam. In de eucharistie kunnen we Jezus herkennen en met Johannes beamen: ‘Het is de Heer’. Jezus vraagt aan ieder van ons of wij Hem en elkaar beminnen. En als dat zo is, dan is het aan ons om van harte te beantwoorden aan zijn oproep: ‘Volg Mij’. Amen.
Open de PDF · p. 1 ↗Uit: preektekst · 1 mei 2022
Volledige tekst, overgenomen met toestemming van de parochie. (PDF, 2 pagina’s)