BezinningSint-Urbanuskerk Bovenkerk · Titus BrandsmakerkPinksteren
Stilzitten kan niet meer!

Hij is niet hier, Hij is verrezen zoals Hij gezegd heeft. Met deze woorden begon Pasen, het grote mysterie, het ultieme cadeau, uit liefde aan ieder van ons gegeven: een uitgestoken hand. Wij hoeven die alleen maar aan te nemen, te omarmen en te laten groeien in ons hart — van een kleine vonk tot een groot vuur.
We zijn nu op weg naar Pinksteren, het feest van het doen. Het geloof dat met Pasen gezaaid is, komt tot bloei, draagt vruchten en stroomt over in ons hart. En waar ons hart vol van is, daar loopt onze mond van over. We willen erover praten, het laten zien, het uiten in onze handen, in onze woorden, in wat we doen: stilzitten kan niet meer.
Er is één Geest, maar er zijn verschillende gaven. De één heeft een hart voor mensen in nood, de ander helpt met praktische zorg, een derde brengt woorden van troost.
De Geest wijst ieder van ons een weg die bij ons past. Pinksteren maakt ons wakker, zet ons in beweging en maakt ons tot mensen die doen. Zo wordt de schepping steeds opnieuw vernieuwd — en die schepping, dat zijn wij. Mensen van deze tijd, levend in een wereld die onder druk staat. Een wereld waarin eenzaamheid groeit, waarin armoede zichtbaar is en waarin onze aarde uitgeput raakt. Een wereld die verlangt naar aandacht, eerlijkheid en rechtvaardigheid. Naar samen leven, naar zorg voor elkaar en voor wat ons is toevertrouwd. In die wereld staan wij, onderweg van Pasen naar Pinksteren. Het geloof groeit in ons, en onze handen beginnen te jeuken. Nog even en stilzitten kan niet meer.
Vaak houden we de deur van ons hart gesloten, uit angst voor wat er buiten is of voor wat een ander van ons vraagt.
Toch worden we uitgedaagd om verder te kijken: wie roept daar? Wat groeit daar? Wie word ik geroepen te zijn? Welke weg ligt voor mij open?
We mogen mensen zijn die in beweging komen, die naar elkaar toegaan en bouwen aan een wereld die eerlijker, warmer en menselijker is. Een wereld waarin niemand buitenspel staat en iedereen mee kan doen. Met het beeld van Gods koninkrijk voor ogen worden we uitgenodigd — en eigenlijk ook geroepen — om onze talenten in te zetten. Om iets van onszelf te geven, om er te zijn voor de ander.
‘Als gij vergeeft, dan is vergeven en als gij niet vergeeft, is niet vergeven!
Vergeven of niet vergeven, het ligt in onze handen.
Wij moeten het doen. Niet wachten, niet doorschuiven, maar zelf beginnen. Want wat wij niet doen, gebeurt niet. De Heer legt het in onze handen en de Geest moedigt ons aan: stilzitten mag niet meer. De wereld wacht op ons.
Op onze handen, onze woorden, onze vrede, ons geloof.
Een geloof dat nog even groeien mag tot het met Pinksteren zo groot is geworden, dat wij overvloeien. Dat we niet anders meer kunnen dan doen, op weg gaan, de ander opzoeken, daden vanuit ons hart, woorden vanuit onze ziel. Het moment dat we ervaren: stilzitten kan niet meer!
Automatisch gelezen uit een gescande PDF. Controleer de details in het origineel; de tekstherkenning kan fouten bevatten.
Open de PDF · p. 30 ↗Uit: parochieblad
Volledige tekst, overgenomen met toestemming van de parochie. (PDF, 32 pagina’s)