HomilyKrijtberg
23rd Sunday in Ordinary Time
Automatic translation, independently checked · 23ste Zondag door het jaar

Sometimes you wish everything were calm, that you could lean back and think: all is well. ‘It will be all right’ has become a saying easily spoken. But it is not all right, and it seems it can no longer become all right. Climate change, hurricanes for which the usual categories are no longer sufficient, fear of terrorism everywhere, the war – rest never comes.
Our readings today are about guilt, our own guilt. Knowingly and willingly clinging to one's own view, one's own, sometimes political, hard line. Stubborn, says today's psalm. Make sure you owe no one anything, writes Paul: let the only debt you have towards others be mutual love.
Love requires the ability to adapt to others, or to meet others halfway when that becomes more difficult. The right understanding of what love asks of us must be sought again and again. Unnoticed, we see above all our own interest, our own insight. It is not so easy to put yourself in another's opinion, or even to consider another's opinion more important than your own. The core question is: who may examine me? By whom do I allow myself to be corrected?
Even when you see that someone is on the wrong path, acts wrongly or foolishly, you must still be careful when you warn him or her, for it remains an open question who is right. Is your view the reality? Can you communicate on equal footing about behaviour, about irritations or opinions? Do others share your opinion, or are they perhaps trying to warn you? And do you hear it then, do you allow yourself to be warned?
Matthew works out that tension very concretely. Correct the other, and then see what happens and deal with it wisely. Seek help if you get no further, if necessary from the Church. If no new insight comes after all, then let it go. When we read this, we must ask ourselves how we ourselves act when we think it necessary. Do we as believers proceed differently from others? Can we, in an open encounter, let the other come into their own?
Dealing lovingly with conflicts or differences of opinion – and then loving your neighbour as yourself. An impressive insight of faith, but terribly difficult. Our time knows individualisation; everyone must be able to determine their own living space, if need be it is conquered by force. There is much social interaction, but mainly with people who agree with me. How long will the formation of a cabinet again take; how sharply does our division show itself at the same time in our political choices?
Environmental activists can make a point. We cannot simply carry on as usual. Our comfort cannot be self-evident while the world is still tormented by growing inequality between the disadvantaged and successful people. In a rich country like ours it is difficult to give neighbours equal opportunities, without distinction. In fact, we ourselves are guilty of the inequality. And that fact stares us in the face time and again when we must determine our place in the debate on refugees. What will we choose?
Regularly we pray: ‘and forgive us our debts, as we also forgive our debtors’. It is a warning addressed to ourselves: continually ask whether you owe anyone anything, whether in thought and deed you sufficiently take into account the people on your path. Test yourself against others, and not only like-minded ones. Unnoticed, you can become a debtor to your neighbour.
Making mistakes is inevitable, and it happens to us all. We are not perfect, and our love is, as Paul calls it, patchwork, makeshift work. But perhaps love gives a chance to come to forgiveness, one of the most important words of the Christian confession. We may not keep holding against each other, against anyone, that a mistake was made, and dispute misunderstandings for all eternity. We must not harbour resentment, let alone hate. We must lead the way in society and avoid the hatred and envy that govern much of our social media utterances. We must go before in the commandment to love our neighbour as ourselves.
Original text · Dutch
23ste Zondag door het jaar
Je zou soms willen dat alles even rus;g was, dat je achterover kon leunen en denken: alles is goed. ‘Komt goed’, is een gemakkelijk uitgesproken gezegde geworden. Maar het is niet goed, en het lijkt niet meer goed te kunnen komen. Klimaatverandering, orkanen waarvoor de gebruikelijke categorieën niet meer genoeg zijn, angst voor het terrorisme overal, de oorlog – er komt nooit rust.
Onze lezingen gaan vandaag over schuld, eigen schuld. Willens en wetens vasthouden aan een eigen visie, de eigen, soms poli;eke, harde lijn. Halsstarrig, zegt de psalm van vandaag. Zorg dat ge niemand iets schuldig bent, schrijL Paulus: laat de enige schuld die u hebt bij anderen de onderlinge liefde zijn.
Liefde vraagt het vermogen om je aan te passen aan anderen, of anderen tegemoet te komen als dat moeilijker wordt. Het juiste inzicht in wat liefde vraagt moeten we telkens weer zoeken. Ongemerkt zien we vooral ons eigen belang, ons eigen inzicht. Het is niet zo gemakkelijk om je te verplaatsen in de mening van de ander, of zelfs de mening van de ander belangrijker te vinden dan die van jezelf. De kernvraag is: wie mag mij toetsen? Door wie laat ik mij terecht wijzen?
Ook als je ziet dat iemand op het verkeerde pad is, verkeerd handelt of dom, dan moet je ook weer oppassen als je hem of haar waarschuwt, want het is nog de vraag wie het bij het rechte eind heeL. Is jouw visie de werkelijkheid? Kun je op gelijk niveau communiceren over gedrag, over irrita;es of meningen? Delen anderen jouw mening, of proberen zij jou misschien te waarschuwen? En hoor je het dan ook, laat je je waarschuwen?
MaTheüs werkt die spanning heel concreet uit. Wijs de ander terecht, en zie dan wat er gebeurt en ga er verstandig mee om. Haal hulp als je niet verder komt, desnoods van de kerk. Als er dan toch geen nieuw inzicht komt, geef het dan maar op. Als we dat lezen, moeten we ons wel afvragen hoe wij dat zelf doen als we het nodig vinden. Gaan wij als gelovigen anders te werk dan anderen? Kunnen we in een open ontmoe;ng de ander tot zijn recht laten komen?
Liefdevol met conflicten of meningsverschillen omgaan – en dan de naaste beminnen zoals je van jezelf houdt. Een indrukwekkend geloofsinzicht, maar razend moeilijk. Onze;jd kent individualisering, iedereen moet de eigen leefruimte kunnen bepalen, desnoods met geweld wordt het veroverd. Er is veel sociaal verkeer, maar wel vooral met mensen die het met mij eens zijn. Hoelang zal de kabinetsforma;e weer gaan duren, hoe scherp tekent zich in onze poli;eke keuzes niet tegelijk onze verdeeldheid af?
Milieuac;visten kunnen een punt maken. We kunnen niet zomaar doorgaan op de vertrouwde voet. Ons comfort kan niet vanzelfsprekend zijn als de wereld nog gekweld wordt door groeiende ongelijkheid tussen kansarmen en succesvolle mensen. In een rijk land als het onze is het moeilijk om naasten gelijke kansen te geven, zonder onderscheid. Eigenlijk zijn we zelf schuldig aan de ongelijkheid. En dat gegeven kijkt ons telkens aan als we onze plaats moeten bepalen in het vluchtelingendebat. Waar gaan wij straks voor kiezen?
Met regelmaat bidden wij: ‘en vergeef ons onze schulden, zoals ook wij vergeven aan onze schuldenaren’. Het is een waarschuwing aan ons eigen adres: vraag je voortdurend af of je iemand iets schuldig bent, of je in denken en doen voldoende rekening houdt met de mensen op je weg. Toets je aan anderen, en niet alleen gelijkgezinden. Ongemerkt kun je een schuldenaar worden van je naaste.
Fouten maken is onvermijdelijk, en het overkomt ons allemaal. We zijn niet volmaakt, en onze liefde is, zoals Paulus het noemt, stukwerk, lapwerk. Maar misschien geeL liefde een kans om te komen tot vergeving, een van de belangrijkste woorden uit de christelijk belijdenis. We mogen elkaar, we mogen niemand blijven nadragen dat er een fout gemaakt is en tot in eeuwigheid blijven twisten over misverstanden. Wij mogen geen wrok koesteren, laat staan haat. Wij moeten vooropgaan in de samenleving en de haat en de afgunst vermijden die veel van onze sociale media-ui;ngen beheerst. Wij moeten voorgaan in het gebod om de naaste lief te hebben als onszelf.
Open the PDF · p. 1 ↗From: homily sheet
Full text, reproduced with the parish’s permission. (PDF, 2 pages)