ReflectionBegijnhofkapel
Het graf van Petrus in Rome deel 3
Only in dutch.

Inleiding. We zijn gebleven tot in de 6e eeuw. Het graf van Petrus is door Gregorius gereconstrueerd, in de bestaande basiliek. Na de reconstructie van het graf van Petrus door paus Gregorius de Grote in de 6e eeuw, blijft de plek zich in de daaropvolgende eeuwen ontwikkelen. Steeds opnieuw wordt zichtbaar hoe belangrijk dit heiligdom is voor gelovigen, pausen en pelgrims uit heel Europa.
De 8e eeuw. In 731, in zijn eerste jaar als paus, roept Gregorius III een synode bijeen met 39 bisschoppen rond het graf van Petrus. Tijdens deze bijeenkomst wordt bevestigd dat het vereren van afbeeldingen van Christus, Maria en de heiligen geoorloofd is. Als bijzonder geschenk ontvangt de paus zes wijnrankzuilen van een vertegenwoordiger van de keizer van Italië. Drie ervan zijn identiek en drie bijna identiek aan de antieke Griekse zuilen die Constantijn ooit schonk. Gregorius III plaatst ze als tweede rij vóór de zuilen van Gregorius de Grote en laat op de architraaf afbeeldingen van Christus en de apostelen aanbrengen, met op de achterzijde Maria en enkele maagden.
In dezelfde periode groeit het aantal pelgrims sterk. Buiten de Aureliaanse stadsmuren ontstaan scholae: wijken waar pelgrims per bevolkingsgroep verblijven. In 846 worden de scholae van de Saksen, Friezen, Franken en Langobarden echter verwoest tijdens een plundertocht. De Sint-Pieter wordt geplunderd, al blijft Rome zelf gespaard. Een jaar later richt een grote brand opnieuw schade aan; volgens de overlevering zou paus Leo IV vanuit het voorportaal hebben gebeden totdat het vuur doofde.
Keizer Lotharius voert daarop speciale belastingen in om een verdedigingsmuur te bouwen rond de scholae, de Sint-Pieter en het mausoleum van Hadrianus. Dit ommuurde gebied wordt later de Leo-stad genoemd. De muren staan er nog altijd.
De 11e eeuw. In de 11e eeuw ontstaat in en rond de Leo-stad een levendige handel. Winkeliers en herbergiers floreren, en de basiliek is zelfs dag en nacht geopend. Paus Gregorius VII (1073–1085) brengt echter meer orde in de kerk en besluit de Contactblad voor de gemeenschap van de Begijnhofkapel basiliek ’s nachts te sluiten om misstanden tegen te gaan. In 1116 wordt voor het eerst een aflaat verbonden aan het bezoeken van de graven van de apostelen. De pelgrimsstroom blijft groeien: rond 1300 staan er op het plein voor de basiliek maar liefst vierennegentig tenten van geldwisselaars.
De 16e eeuw. Paus Julius II begint in 1505 aan de afbraak van de oude Sint-Pieter en in 1506 legt hij de eerste steen voor de nieuwe basiliek. Dit brengt geen wezenlijke verandering in de situatie rond het graf van Petrus. De vloer van de SintPieter wordt hoger geplaatst dan die in de Constantijnse basiliek. In de tussenliggende ruimte bevinden zich nu enige graven van opvolgers van Petrus, zoals die van de laatste zes pausen. Het altaar boven het graf van Petrus bevindt zich uiteraard ook hoger dan hetgeen Constantijn hier liet plaatsen en waarvan Gregorius de Grote het bovenste deel als altaar in gebruik nam. Om het nieuwe altaar heen heeft Bernini zijn bronzen gedraaide zuilen geplaatst. Die heeft hij laten gieten naar voorbeeld van de veel kleinere Griekse zuilen. De antieke zuilen worden gebruikt in de koepel en op diverse zijaltaren.
In 1586 wordt het plein voor de Sint-Pieter 8 gecomplementeerd door de obelisk van de zijkant naar de voorkant van de Sint-Pieter te verplaatsen.
De 20e eeuw. Pas in de 20e eeuw krijgen archeologen toestemming om onder de SintPieter te graven. Laag voor laag werken zij zich door de geschiedenis heen: de huidige muur, die van Gregorius III, de marmeren constructie van Constantijn. Uiteindelijk vinden zij in een zijmuur het gebeente dat aan Petrus wordt toegeschreven — een moment dat voor hen ongetwijfeld onvergetelijk moet zijn geweest.
Mocht u (weer) een keer in de Sint Pieter komen, denk dan eens, als u bij de graven van de laatste pausen loopt, dat dit eigenlijk de vloer van de basiliek is. En dat zich daaromheen een hele stad van graven bevindt, vrijwel intact, alleen de dakten beschadigd. Dat is iets wat ik mij in ieder geval nooit heb gerealiseerd.
Veel van mijn informatie heb ik gehaald uit het boek: De kerk van de Friezen bij het graf van Petrus van dr. M.P.M. Muskens. Een aanrader, ook als je wilt weten hoe de Nederlanders in Rome zijn terechtgekomen.
Open the PDF · p. 8 ↗From: bulletin
Full text, reproduced with the parish’s permission. (PDF, 12 pages)