HomilyKrijtberg
Sunday, 13 February 2022
Automatic translation, independently checked · Zondag, 13 februari 2022

The prophet Jeremiah, dearest friends, lived about 600 years before the evangelist Luke. During the reign of the last kings of Judah, Jeremiah set before them, in unmistakable words, the truth that the wellbeing of their kingdom and people would not be secured by their power games, but solely and only by their fidelity to the covenant with their God.
600 years later, Luke proclaims that Jesus, in other words, holds out exactly the same message to his followers. Not by wealth and power will you lead a fruitful life, but only by following me, living in simplicity and not striving after success and great fame. And today, another 2000 years later, the church comes with that same teaching in our readings and expects me to preach a beautiful sermon on this rather unpopular subject.
For let us be honest: the message of Jeremiah and of Jesus may well be true and understandable to everyone, but it has never managed to win over the majority of the world's population. Just look it up in the newspaper or follow the news: it is constantly about the great, the rich, the powerful. It is about successes achieved, about important persons, about those who have worked their way up to celebrity status and about those who have abused their status. You hear everything about those who are bigger, faster, richer, more beautiful, more attractive or smarter. Just ask young people what they want to do with their lives later on. Many of them come up with a variation on the theme: a nice job to earn a lot of money so as to live happily and without a care. There is nothing wrong with that in itself, of course, but that is what our world, our culture, suggests as the normal and generally accepted goal of our lives.
And then I stand here, in an unbroken line of preachers, and repeat once again those words Jesus spoke to his followers: "Blessed are you who are poor, who are hungry. Blessed are those who weep. Yes, blessed are you, unpopular followers of the Son of Man, for great will be your reward in heaven." In a culture focused on the immediate satisfaction of every desire, that cannot be a very attractive reward. And do you not agree with me that there is nothing attractive about real poverty? The followers of Jesus, the Christians, have over the centuries been the world's greatest combatants of poverty. And the efforts of religiously inspired workers in the fight against hunger are likewise unrivalled. And the monks and the missionaries did not do that because hunger made people so happy.
And yet, during his life Jesus never took back his words. If he had done so, the evangelists would undoubtedly have proclaimed that loudly and clearly. But no, those words of Jesus stand upright, and it is up to us to come to terms with them.
Now there is one strong argument that speaks in favour of Jesus' words. Living according to the world's scale of values – bigger, richer and more powerful – has certainly not brought humanity much happiness. Our history is a long history of wars and conflicts, of crimes and broken promises. It is a history of greatness obtained on the backs of others. It is a history of oppression and wars of liberation. It is a history of inequality and exploitation. A history that we cannot possibly call 'happy'.
How then can we understand Jesus' words? How can they become intelligible to the hearers of today, to us here in this church? It is clear that Jesus is not making propaganda for poverty. He is also clearly not in favour of hunger, and He takes no pleasure in seeing people weep. But in the poor, the hungry, the mourning, Jesus experiences openness towards one another, the willingness to help and to be helped, their openness towards Him, openness towards God. In many gospel stories Jesus is surrounded by a crowd of people who hunger for his words, who seek healing or encouragement. But always there appear in the background or at the side the scribes and Pharisees, the people who know better and are locked up in their own wisdom. Those who always doubt, discover faults and disagree. When they ask a question, it is in order to trap Jesus, or to catch him out in irregularities. Those are the healthy who have no need of a physician. The sick, the prostitutes and tax collectors, on the other hand, came to Him for help, to be heard, to be seen and to be welcomed into the kingdom of God. The rich have no need of God and can manage perfectly well on their own. The poor have no other helper than God. The richer and more prosperous the people in our regions become, the less need they have of faith in God.
Blessed are those who are completely open. Open about their own needfulness. Lord, grant that I may see. Lord, if You are willing, You can cleanse me. Lord, come, for my servant is ill, my daughter is lying at death's door. Come and make her live. Blessed are those who can face their need and ask for help. And blessed are those who are open to the need of others and who are willing to step out of their comfort zone and to help. Blessed are we, if we are open to the words of Jesus, who is always ready to help and will again and again invite us in turn to help others. That is the Kingdom of God, the only place of true happiness,
Amen.
Original text · Dutch
Zondag, 13 februari 2022
De profeet Jeremias, beste vriendinnen en vrienden, leefde ongeveer 600 jaar vóór de evangelist Lucas. Gedurende de regering van de laatste koningen van Judea hield Jeremias hen, in niet mis te verstane woorden de waarheid voor, dat het welzijn van hun rijk en volk niet zou worden veiliggesteld door hun machtsspelletjes, maar enkel en alleen door hun trouw aan het verbond met hun God.
600 jaar later verkondigt Lucas dat Jezus, in andere bewoordingen, precies dezelfde boodschap aan zijn volgelingen voorhoudt. Niet door rijkdom en macht zul je een vruchtbaar leven leiden, maar enkel door mij te volgen, in eenvoud te leven en niet te streven naar succes en grote roem. En vandaag, weer 2000 jaar later, komt de kerk in onze lezingen met diezelfde leer en verwacht zij dat ik, over dit weinig populaire onderwerp, een mooie preek houd.
Want laten we eerlijk zijn, de boodschap van Jeremias en van Jezus mag dan wel waar zijn en voor iedereen te begrijpen, maar ze heeft nooit de meerderheid van de wereldbevolking weten te winnen. Sla de krant er maar op na of volg het nieuws: Het gaat voortdurend over de groten, de rijken, de machtigen. Het gaat over behaalde successen, over belangrijke personen, over hen die zich hebben opgewerkt tot BN-status en over hen die hun status hebben misbruikt. Je hoort alles over hen die groter, sneller, rijker, mooier, aantrekkelijker zijn of slimmer. Vraag maar aan jonge mensen wat zij later met hun leven willen doen. Velen komen dan met een variatie op het thema: mooie baan om veel geld te verdienen om gelukkig en onbezorgd te leven. Daar is natuurlijk op zich niets mis mee, maar dat is wat onze wereld, onze cultuur, suggereert als normaal en algemeen aanvaard doel van ons leven.
En dan sta ik hier, in een ononderbroken lijn van predikanten, en herhaal nog maar eens die woorden die Jezus sprak tot zijn volgelingen: "Gelukkig jullie die arm zijn, die hongerig zijn. Gelukkig die wenen. Ja gelukkig jullie, weinig populaire volgelingen van de Mensenzoon, want groot zal uw loon zijn in de hemel. In een cultuur die gericht is op de onmiddellijke bevrediging van elk verlangen kan dat geen erg aantrekkelijke beloning zijn. En bent u het niet met mij eens dat er niets aantrekkelijk is aan echte armoede? De volgelingen van Jezus, de christenen, zijn in de loop van de eeuwen wereldwijd de grootste bestrijders van armoede geweest. En de inspanningen van religieus geïnspireerde werkers in de strijd tegen honger is eveneens ongeëvenaard. En dat hebben de monniken en de missionarissen niet gedaan omdat honger de mensen zo gelukkig maakte.
En toch, gedurende zijn leven heeft Jezus zijn woorden nooit teruggenomen. Als Hij dat gedaan zou hebben dan hadden de evangelisten dat ongetwijfeld luid en duidelijk verkondigd. Maar nee, die woorden van Jezus staan recht overeind en het is aan ons om daarmee in het reine te komen.
Nu is er één sterk argument dat in het voordeel spreekt van Jezus woorden. Leven volgens de waardeschaal van de wereld, het groter, rijker en machtiger, heeft de mensheid zeker echt niet veel geluk gebracht. Onze geschiedenis is een lange geschiedenis van oorlogen en conflicten, van misdaden en gebroken beloften. Het is een geschiedenis van grootsheid die verkregen is over de ruggen van anderen. Het is een geschiedenis van onderdrukking en bevrijdingsoorlogen. Het is een geschiedenis van ongelijkheid en uitbuiting. Een geschiedenis die we onmogelijk 'gelukkig' kunnen noemen.
Hoe kunnen we Jezus' woorden dan verstaan? Hoe kunnen ze begrijpelijk worden voor de hoorders van vandaag, voor ons hier in deze kerk. Het is duidelijk dat Jezus geen propaganda maakt voor armoede. Hij is ook duidelijk geen voorstander van honger en heeft er ook geen plezier in als Hij mensen ziet wenen. Maar in de armen, de hongerigen, de treurenden ervaart Jezus de openheid naar elkaar toe, de bereidheid te helpen en geholpen te worden, hun openheid naar Hem toe, de openheid naar God. In heel wat evangelieverhalen wordt Jezus omringd door een menigte van mensen die hongeren naar zijn woorden, die genezing zoeken of bemoediging. Maar altijd verschijnen dan in de achtergrond of terzijde de Schriftgeleerden en Farizeeën, de mensen die het beter weten en opgesloten zitten in hun eigen wijsheid. Degenen die steeds twijfelen, fouten ontdekken en het er niet mee eens zijn. Als ze een vraag stellen dan is dat om Jezus te vangen, of te betrappen op ongerechtigheden. Dat zijn de gezonden die geen geneesheer nodig hebben. De zieken, de hoeren en tollenaars daarentegen kwamen naar Hem toe om hulp, om gehoord, gezien te worden en verwelkomd in het koninkrijk van God. De rijken hebben geen God nodig en kunnen best voor zichzelf zorgen. De armen hebben geen andere helper dan God. Hoe rijker en welvarender de mensen in onze streken worden des te minder behoefte hebben zij aan Godsgeloof.
Gelukkig zij die helemaal open staan. Open over hun eigen behoeftigheid. Heer, maak dat ik zien kan. Heer, als U het wilt kunt u mij reinigen. Heer, kom, want mijn knecht is ziek, mijn dochter ligt op sterven. Kom en maak dat zij leeft. Gelukkig zij die hun nood onder ogen kunnen zien en om hulp vragen. En gelukkig zij die open staan voor de nood van anderen en die bereid zijn uit hun comfort-zone te stappen en te helpen. Gelukkig zijn wij, als wij open staan voor de woorden van Jezus, die altijd tot helpen bereid is en ons steeds weer zal uitnodigen op onze beurt anderen te helpen. Dat is het Koninkrijk van God, de enige plek van waarachtig geluk,
Amen.
Open the PDF · p. 1 ↗From: homily sheet · 13 February 2022
Full text, reproduced with the parish’s permission. (PDF, 2 pages)